DoekenenDragen

Praktisch en dichtbij. Kindjes die gedragen worden in doeken of dragers huilen minder, slapen beter en ontwikkelen zich beter. Gelukkig herontdekken we de voordelen van het dragen van kinderen.

 

 

WAAROM DRAGEN?

 

ERGONOMIE

 

DOEKEN&DRAGERS

 

 

 

 

Je baby of peuter dragen kan op heel veel verschillende manieren. Voor elke “goesting” is er wel een gepaste drager. Een klein overzicht met de belangrijkste groepen dragers en de verschillende mogelijkheden en variaties.

 

REKBARE DOEK

Deze doek kan je minder lang gebruiken (gaat bij zwaardere kinderen algauw doorhangen), maar heeft het grote voordeel dat je hem eerst knoopt en je baby er dan pas in doet. Je kan ze gebruiken om op je buik of heup te dragen (rug-dragen wordt om veiligheidsredenen afgeraden).

Ze zijn meteen erg zacht, waardoor ze voor kleine baby's zeer fijn zijn in gebruik. Doordat er steeds 3 doekbanen over je kindje heen zitten zijn ze echter al snel heel warm in de zomer! De breedte van de doek durft ook al eens verschillen, vooral voor heel kleine baby's kan een smalle doek fijn zijn in gebruik.

 

GEWEVEN DOEK

Geweven doeken zijn zeer gevarieerd te gebruiken (buik, rug en heup) en van de geboorte tot ver in de peutertijd.

Met een maat 6 kom je algauw een heel eind (ben je wat groter en/of breder dan neem je best een 7; ben je net klein en/of fijn kies dan voor een 5). Enkele speciale knopen vergen een kortere of langere doek: de maten gaan van 1 tot en met maat 7 of 8.

Verschillende merken hebben andere 'blends' (verhouding van de gebruikte materialen), iedereen heeft zo zijn eigen voorkeur, ook het gewicht van je kindje kan hierin een rol spelen. Probeer dus zeker eens doeken te gaan voelen als je wil dragen, of begin met een niet te dure doek. Hoe meer je een doek gebruikt hoe zachter en fijner in gebruik hij wordt: geef dus niet te snel op (of koop een gebruikte doek!).

 

TORSODRAGERS

Deze dragers worden niet over de schouders gespannen. Hierdoor draag je het gewicht van je baby enkel op je romp (torso dus), wat zinvol kan zijn als je zware problemen hebt met je schouder(s).

Deze draagwijze wordt vooral gebruikt voor rug-dragen, maar kan natuurlijk ook op de heup en zelfs buik. Met een geweven doek kan je ook torso-dragen, maar er zijn enkele merken op de markt die speciale dragers maken hiervoor ook.

 

RINGSLING

Hiermee draag je een baby vanaf de geboorte tot in de peutertijd op een zeer snelle en vlotte manier op je heup. Je kan er (als je er wat vaardigheid in ontwikkelt) echter ook mee buik- en zelfs rug-dragen.

Je draagt deze drager over één schouder heen, waardoor afwisselen van schouder (zeker bij oudere kinderen en als je problemen hebt met bekken of rug/nek) aan te raden is.

Je neem de ringsling zeer makkelijk mee in je tas en doet hem snel aan en uit. Erg handig voor peuters die nog niet zo heel ver zelf kunnen/willen stappen.

 

MEI-TAI (Aziatische dragers)

De mei-tai bestaat uit een rechthoekig stuk stof, waaraan in de 4 hoeken lange banden zijn bevestigd. Je knoopt de drager eerst om je middel en doet je kindje er dan in. De 2 andere banden gaan over je schouders heen en worden daarna ook geknoopt. Er zijn versies met lange of korte schouderbanden. Bij langere banden heb je iets meer knoopmogelijkheden, voor extra draagcomfort. Ook gevulde schouderbanden kunnen extra comfort bieden bij het dragen.

Zeer handig in gebruik, zeker voor beginnende rugdragers, omdat je de doek al om je heen kan doen. Hierdoor heb je een veiliger gevoel als je je kindje op je rug zet, hij/zij zit immers meteen ondersteund en vast in de mei-tai. Deze drager is vooral aan te raden vanaf 5 à 6 maanden, als het kind vlot zijn hoofd rechtop kan houden en begint te zitten. Hij kan tot ver in de peutertijd gebruikt worden voor buik, rug en heup-dragen.

 

SOFT STRUCTURED CARRIERS of zachte voorgevormde dragers (SSC)

Deze dragers zijn te gebruiken vanaf de geboorte (vaak mits het aankopen van een speciale 'babyinsert'), maar pas echt vlot (zonder extra insert) in gebruik vanaf 5 à 6 maand voor de meeste dragers. In vele gevallen te gebruiken op de buik, rug en heup.

Er zijn systemen met enkel klik-gespen, met velco of knoopbanden en alle mogelijke combinaties hiervan. Welke je verkiest is ook hier erg persoonlijk en afhankelijk van enkele factoren. Naargelang het gekozen systeem kan je meer of minder parameters aanpassen, maar moet je dus ook meer verstellen als je samen gaat dragen met iemand anders. Zeker als je geen doorsnee lichaamsbouw hebt kan het zinvol zijn enkele systemen uit te testen en te bekijken wat het best bij jouw lichaam past.

 

 

Test verschillende methoden uit: alleen zo kan je zeker zijn dat een bepaalde drager iets voor jou is. Bij “Draagzolder” zijn er enkele voorhanden, hier kan je altijd komen uittesten.